29-06-10

Vijftiende met Soest op schaakvoetbaltoernooi


En vandaag doet alles zeer

Het schaakvoetbaltoernooi is een nog niet heel lang bestaand jaarlijks evenement waarin, zoals de naam al zegt, schaken en voetbal worden gecombineerd. Ik had er wel van gehoord, maar ik kon zelf nooit meedoen, want ik had geen team. Dit jaar was het anders. Waar Ewood werd gevraagd om voor Max Euwe te spelen, zijn tweede club nu hij in Enschéde studeert, werd ik door de witte gevraagd om voor Soest te spelen. Aanvankelijk was ik niet zo enthousiast. Wie gaat er nou tijdens een van de allerwarmste dagen ooit schaken èn voetballen? En ja, voetballen, daar ben ik ook lang niet meer zo goed in als vroeger. Het studentenleven heeft in dat opzicht zijn wrange vruchten afgeworpen: ik ben een zoutpilaar van een voetballer geworden.

Maar ja, een team dat net één speler tekort komt, terwijl ik prima voor ze kon meespelen, dat kun je toch moeilijk weigeren. Dus besloot ik maar mee te doen. Kon ik het ook een keertje meemaken. Nou, dat heb ik geweten...

Om acht uur (!) stond de witte al op de stoep om Ewood en mij op te halen. Hij bracht ons naar het clubgebouw van Soest, waar de andere teamleden verzamelden. Ik wist dat we op papier geen geweldig schaakteam hadden, maar ik hoopte dat sommigen van ons konden voetballen. Die hoop werd al meteen de grond in geboord. Ewood kon zijn lol niet op. Hij zat in misschien wel het sterkste team dat er was, met veel goede schakers die ook wel konden voetballen. En het ergste was nog wel dat we in dezelfde poule zaten.

Het toernooi werd gespeeld op een sportcomplex op De Uithof. Het was al behoorlijk druk toen ik aankwam. Ik inspecteerde de speellocatie, waarna ik maar buiten in de felle zonnestralen ging zitten bij het team van Amersfoort. Ook Amersfoort zat bij ons in de poule. Zij hadden uiteraard Le en La in de gelederen, wat bekende namen als Beter Zonder en Jeroen Schuil en Pinda. Dat was verrassend, maar aangezien HSG niet meedeed (prominenten als King Look en Job D. deden mee voor het Zwakke Schaap of zo), moest-ie wel vreemdgaan.

Poelfase
De witte wist door het toernooischema dat we om tien voor tien (als ik het me goed herinner) begonnen. In de kleedkamer deed ik mijn gloednieuwe (!) sportschoenen aan, waarna ik helemaal klaar was voor de strijd. We begonnen tegen Hardenberg met schaken. Er werd geloot om de kleurverdeling en uiteindelijk kreeg ik zwart en zat ik op een verrotte bank met een gat in het midden. Mijn tegenstander was een dikke gast met een Gerrard-T-shirt die geen woord zei. Ik had geen idee wie het was en hoe goed hij was. Wel speelde hij vrij snel en handig, waardoor ik niet echt lekkere compensatie kreeg voor m'n pion. Later speelde hij volgens mij wat te ver achteruit en won ik met een trucje m'n pion terug. Vervolgens schoof ik het eindspel gemakkelijk naar winst. Naast me aan bord één bracht Reynir Helgason eveneens een puntje binnen. In een dame-eindspel had zijn tegenstander nog maar een paar seconden, waardoor hij natuurlijk geen schijn van kans meer had. Aan de andere kant verloor Kevin Rijpert wat schlemielig in een remise-eindspel door een vorkje. Uiteindelijk werd de eindstand 5-3 in ons voordeel, wat goed was te noemen met onze 1200-spelers aan de laagste borden.

Met het voetballen ging het iets minder goed tegen ze. Hoewel het niveauverschil me nog meeviel, won Hardenberg uiteindelijk met 2-0. Heel gek was dat niet, met ons talentloze gelegenheidselftal dat totaal niet op elkaar was ingespeeld, desondanks had ik het idee dat er meer had ingezeten. Zelf speelde ik nog eventjes mee, nadat ik buiten de basis was begonnen. Ik merkte echter dat er een scherp puntje zat op m'n schoen, waarna ik maar naar de kant ging. In de kleedkamer deed ik een vreemde ontdekking: die punaise waar het prijskaartje aan vast zat, zat er nog steeds. Naast een wondje aan m'n vinger (van het voelen), had ik een paar krassen op m'n been. Daar was ik dus niet zo blij mee.

Hoe de volgorde nou precies was, weet ik al niet meer. Het kan zijn dat we in de volgende krachtmeting voetballes kregen van Max Euwe. Daar wil ik het liever niet meer over hebben. Op naar het schaken tegen Amersfoort. Ik zat aan bord twee, op diezelfde verrotte plek als eerst, met zwart te spelen tegen Le. Daar was ik ook niet zo gelukkig mee. In serieuze partijen is de stand 3½-½ voor hem, dus vandaar. Met snelschaken is de stand wat beter in evenwicht. Maar ja, ik had wel liever wit gehad, want met zwart had ik eigenlijk niet goed een idee wat ik moest doen... Hij deed echter 1.e4 e5 2.Pc3 Pf6 3.g3. Dat kende ik niet, maar in ieder geval kon ik nu een echte partij spelen. Ik besloot vlug het centrum in te pikken, maar na een breekzet stond ik gelijk klote. Dus maar een pion geofferd voor het loperpaar, maar ook daar kon ik weinig mee. Gelukkig had ik nog wel wat activiteit in het eindspel en in een zinderende tijdnoodfase pakte ik uiteindelijk onverwachts nog het punt. De match werd jammer genoeg met 5-3 verloren, ondanks een knappe zege van Helgason op Large.

We konden gelijk revanche nemen met voetballen. Ik was redelijk optimistisch: misschien hadden we nu eindelijk een gelijkwaardige tegenstander, dus daar wilde ik wel van winnen. Het was voor beide ploegen de laatste voetbalwedstrijd van de poulefase en we hadden allebei nog niet gescoord. Ik verwachtte dat het wel bij 0-0 zou blijven. Ewood was komen kijken en hij zag hoe Soest zelfs op voorsprong kwam. De voorsprong werd echter al spoedig weer uit handen gegeven en vlak voor tijd viel zelfs de 1-2. Gelukkig bepaalde een solo van Helgason de eindstand op 2-2, maar ik had het gevoel dat er wel meer had in gezeten. Maar we hadden in ieder geval een punt.

Vervolgens was het tijd om tegen Max Euwe te schaken. Dat konden ze helaas nog beter dan voetballen... Zelf speelde ik tegen Floris van Assendelft en besloot ik om op 1.e4 c5 2.Pf3 d6 3.Lb5+ te spelen, om na loperruil een soort Maroczybind te hebben zonder slechte loper. Vervolgens was het een hele tijd schuiven en manoeuvreren. Ik verhinderde de karakteristieke doorbraken ...b5 en ...d5 en ik viel wat pionnetjes aan, maar ik had verder geen idee wat ik nog kon doen. Het was een beetje schuiven en stukken ruilen, waarna ik in de tijdnoodfase niet al te handig speelde en opeens in grote moeilijkheden was. Om een lang verhaal kort te houden: ik verloor dus en daardoor werd het 8-0 voor de enige Nederlandse schaakwereldkampioen.

Uiteindelijk werden we glansloos laatste in de poel des doods. Amersfoort werd op grote afstand tweede, waardoor zij voor de hoogste acht plekken vochten. Hardenberg werd comfortabel derde en vocht net als wij voor de negende plek.

Knock-outfase
We begonnen de KO-fase tegen Paul Keres. Met schaken hadden we weinig in te brengen. Ik speelde uiteindelijk tegen Paul Hommerson, waarvan jullie wel zullen zeggen dat-ie op me lijkt. Aanvankelijk zou ik tegen Anton Rosmuller spelen en zat ik te twijfelen hoe ik zou openen. Nu deed ik dat niet. In de bekerwedstrijd Paul Keres-BSG kwam Le al snel goed te staan tegen hem. Dus deed ik 1.e4. Maar na 1...c5 2.Pf3 e6 3.d4 cxd4 4.Pxd4 Pc6 5.c4?! Pf6 6.Pc3 Lb4 wist ik het niet meer. Ik dacht dat 7.Pb5 nog wel kon en na 7...Pxe4 deed ik 8.Dg4 Pxc3 9.bxc3 Lf8 10.La3 Lxa3 11.Dxg7 en uiteindelijk werd het remise. Een vreemde partij. Aan bord drie vlagde Rijpert die Rosmuller nog, waardoor de schade beperkt bleef tot een 6-2-nederlaag.

We moesten dus met minimaal 4-0 winnen met voetbal, maar daarmee waren we zo mogelijk nog kanslozer. En ik maar denken dat we eindelijk teams ontmoetten die net zo knudde waren als wij... Uiteindelijk verloren we met 4-1.

In de strijd om de dertiende plek speelden we tegen Lonneker of zo. Ik speelde tegen Jokim van den Bos als ik me niet vergis. Op Playchess is hij een redelijk gehaaide snelschaker. In deze kroeg bleek daar echter weinig van. Hij speelde Schots gambiet en dat leek-ie niet echt te kennen. Hij kwam op het idee om de d-pion terug te winnen, maar de tijd die hij daarmee verloor, woog niet op tegen de winst van een zwakke, geïsoleerde pion. De penning op het paard op f3 was niet zo leuk en ik kon al snel een paar pionnen rapen, de koning het halve bord over jagen, een dame winnen en het vervolgens uitschuiven. Het had vast sneller gekund, maar ik zie niet zo gek veel, dus probeer ik zo eenvoudig mogelijk te spelen. Het team won zelfs met 4½-3½, wat betekende dat we het met voetbal zelfs een voorsprong mochten verdedigen... Een kwartier later waren we echter nog verder gekelderd in het klassement na een forse afslachting.

In de strijd om de laatste plek (of eigenlijk de één-na-laatste plek) vochten we tegen Vegdluzd (of hoe je dat ook schrijft.) Met voetbal bleven we aardig bij door een krappe 2-1-nederlaag. Met schaken zouden we het moeten kunnen winnen. Dat bleek ook wel. Ik speelde tegen een gastje dat tempi verknoeide in de opening en daardoor ook een kostbare pion. Vervolgens speelde ik niet al te overtuigend verder en besloot ik maar wat sneller te zetten. Prompt gaf -ie een stuk weg en kon ik het gauw uitschuiven. Bij een stand van 4-3 was de witte nog bezig. Zijn koning werd ver het witte kamp in gejaagd, maar uiteindelijk won hij wel. Daarmee werd de eindstand 5-3 en waren we op het nippertje één-na-laatste geworden.

Winnaar werd uiteindelijk het Zwakke Schaap, met King Look in de gelederen. Hij was in een titanenduel halverwege het toernooi helaas te sterk voor Dimitri R. Van wie ze in de finale wonnen, weet ik niet eens. De spelers van Max Euwe werden uiteindelijk derde, wat een bittere teleurstelling was. De voetbalwedstrijd wonnen ze met 4-0 van de uiteindelijke winnaar, maar het schaken ging wel heel erg mis: ze verloren met 7-1. Uiteindelijk vochten ze met het verrassende Amersfoort (twee zeges, vierde plaats) om de derde plaats. Het was na de poelfase de tweede keer dat de teams tegenover elkaar stonden. Nadat de voetbalwedstrijd in 8-0 was geëindigd, hadden de schaakwedstrijden schriftelijk kunnen worden afgedaan. Uiteindelijk won Max Euwe met 6-2.

Toen de wedstrijden waren afgelopen, gingen veel mensen weer naar huis. Zo kon het gebeuren dat de witte en ondergetekende een vlaai voor Soest mochten uitkiezen en dat Pinda even later hetzelfde mocht doen voor Amersfoort. Ewood bleef nog barbecueën met zijn team, ik kon met de witte mee terugrijden naar het knusse Bussum. Mijn ouders zaten lekker in de tuin te eten, waarna voor de witte en Behirder maar een pizza werd besteld. Het was me het dagje wel.

Minder gelukkig was ik die nacht. Mijn kop barstte bijna uit elkaar van de koppijn. Later kwamen daar nog keelpijn en spierpijn bij. Volgend jaar doe ik alleen mee als het weer het toelaat!

Gerelateerde artikelen:
Schaken...; 23-01 2008

1 opmerking: